struisvogel
CT scan - 2 perspectieven
vorige
volgende
column 2010-1
donderdag 27 november 2008 15:47

Erik’s perspectief:
‘U mag alles uittrekken, alleen uw T-shirt mag u aanhouden. Wanneer u klaar bent, komt u binnen. Nu nog even een foto van uw gezicht...’
Dit is de tweede keer dat ik mij praktisch in adamskostuum bevind. Al eerder bij de endoscopie stond ik ook buiten in een T-shirt zonder onderkleren.
Waar blijft je waardigheid dan? Veelal lopen er meerdere mensen rond. Even een handdoek geven zodat je je edele delen kunt bedekken, daar wordt niet altijd aan gedacht. Maar ja, bloot is dan ook op zo’n plek normaal. Ze kunnen natuurlijk geen foto van je nemen met je kleding nog aan, dat snap ik ook wel. Blijkbaar voel ik me er gewoon ongemakkelijk bij..

Verder niets dan goeds over het personeel. Ze vertellen precies wat er gaat gebeuren en wat ze aan het doen zijn. Bij iedere handeling opnieuw. Geduldig, vriendelijk en adequaat.

Ik moet op mijn buik gaan liggen, ze leggen mij recht zodat de radioloog later precies bij eventuele bestralingen kan herleiden hoe ik moet liggen. Er worden wat strepen en punten gezet (tatoeage) voor het geval de lijnen op enig moment zouden verdwijnen.
Nu nog wat contrastvloeistof inbrengen… Vreselijk vind ik dat...

‘Zo min mogelijk bewegen, we gaan beginnen.’ Ik word zo gemanoeuvreerd dat de juiste foto genomen kan worden. Het duurt niet langer dan, ik denk hooguit 2 minuten. Alles bij elkaar een kwartier. ‘We zijn klaar, u kunt eraf komen. Wanneer u in de gang komt is links het toilet.’ Dat is prettig om te weten. Snel kleed ik me aan en haast mij naar het toilet. Net op tijd. Wat een opluchting als die vloeistof weer uit je systeem is.

‘Wil je wat drinken?’ vraagt mijn vrouw als ik me weer bij haar in de wachtkamer voeg.
Nee dank je, ik wil maar één ding: naar huis.

Martine’s perspectief:
Vanmorgen nog even gebeld door de radiotherapeute. Competente, betrokken vrouw. Ze vraagt hoe het met mijn man gaat en hoe het gesprek bij de oncoloog is geweest. Ze neemt de tijd en helpt meedenken. Vervolgens wenst ze ons succes bij de CT scan. Netjes.
Als we in de auto naar de VU rijden zegt Erik dat hij nerveus is. Van hem hoeft het niet. Hij wil helemaal die scan niet.
Ik geef aan dat ik het juist een goede zaak vind. Hoe kun je ooit weten hoe de stand van zaken is met die tumor als je niet kan zien hoe hij er nu bij staat. Ik wijs hem op de prachtige diagnostische methoden van het ziekenhuis en vertel hem dat ik vind dat hij juist blij moet zijn dat we maandag met de radiotherapeut naar het resultaat van deze scan kunnen gaan kijken.
Erik zwijgt. Ik vraag hem wat er aan scheelt. Hij zegt dat hij dacht dat ik ook geen voorstander was van chemo en bestraling. Ik beaam. Dat klopt ook. Ik ben er inderdaad geen voorstander van. Ik heb genoeg mensen in mijn omgeving gezien die er niet beter van werden, maar dat neemt niet weg dat mocht dit de enige optie zijn, we die toch wel degelijk moeten overwegen.
‘We hebben het hier niet over een griepje,  Erik!’ wrijf ik hem onder zijn neus.
‘Ik heb geen zin om me tegenover jou over mijn beslissing te moeten verdedigen,’ zegt hij.
‘Dat hoef je ook niet. Het gaat hier niet om bestraling, we gaan nu naar de CT scan, ze zijn hooguit een kwartier met je bezig. Natuurlijk ben je nerveus, dat mag best, maar die scan gaat door.’
Zo moet ik af en toe wel praten tegen hem. Als ik zou zeggen, ach man, laat toch zitten die scan, dan zou hij waarschijnlijk rechtsomkeert hebben gemaakt. Erik redeneert zo: die tumor is vanzelf in mijn buik gegroeid, dus moet ik hem ook zelf weg kunnen krijgen. En in principe ben ik het daar mee eens, maar ik ben ook een rationeel denkend mens en je kunt op zo’n scan nu eenmaal goed zien wat de afmetingen zijn. We hopen natuurlijk dat de bio-resonantie machine die Erik nu al een maand gebruikt aanslaat en dat de tumor geslonken is. En als dat niet zo is hopen we dat de tumor niet gegroeid is. Dat kun je zien op de scan. Van daaruit kan Erik een beslissing nemen over de behandeling.

Misschien lijkt het er op dat ik een kenau ben, maar ik ken mijn struisvogel nu eenmaal en ik wil hem gewoon niet kwijt.


Heeft u vragen of wilt u reageren: klik hier